Coaching en verlies: samen op reis

Drie maanden geleden had ik een intakegesprek met Ellen (is niet haar echte naam). Bij deze eerste afspraak stond ze voor de deur en maakte ze een afwezige indruk: langzame bewegingen, geen oogcontact en haar blik naar de grond gericht. Alsof ze het over iemand anders heeft, vertelt ze dat ze ‘het allemaal niet meer weet’. Op het werk heeft ze het niet meer naar haar zin, haar relatie staat op knappen en haar dochter heeft ernstige problemen op school. Een vriendin van haar heeft haar aangeraden om hulp te zoeken – bij mij. ’Maar ja’ zegt ze ‘wat zou jij nou kunnen doen om dat te veranderen…verlies en rouw…er is niemand dood. Ik weet het niet.’

Ze vertelt veel. Veel over anderen: over haar collega’s, over haar leidinggevende, over haar man, over haar dochter. Niets over haarzelf. Met kleine stapjes vraag ik naar haarzelf, naar Ellen.

Inmiddels is Ellen zes keer bij mij geweest en durft en kan ze steeds beter over zichzelf praten en haar eigen emoties te voelen, haar eigen pijn, verdriet en onzekerheden. We kijken naar haar levenslijn. Ze herkent haar eigen verliezen…en dat zijn er veel. Ze herkent de verliezen van haar ouders…en dat zijn er veel. Ze herkent de verliezen die haar kinderen hebben meegemaakt…en dat zijn er veel. Van het herkennen van de verliezen maken we de stap naar het erkennen en verkennen. We verkennen de impact van en de manier waarop er in haar ouderlijk gezin werd omgegaan met veranderingen en verlies en hoe dat nu in haar eigen gezin gaat. We verkennen haar energiebronnen: mensen, plaatsen, hobby’s, gebeurtenissen etc.: voor haar veilige havens (secure bases) om daar ook nu weer of nog steun en het vertrouwen van te kunnen ervaren.

Het is een moedige en emotionele reis die Ellen maakt. Ze opent en sluit, ze zoekt toenadering en trekt zich terug, ze zit in haar gevoel en stijgt weer naar haar hoofd. Inmiddels heeft ze een aantal gesprekken gevoerd op haar werk, met haar man en met haar kinderen en wandelt ze weer door de weilanden, zoals ze dat vroeger zo graag deed.

Vorige week maakte ze een opgewekte indruk: oogcontact en actieve handgebaren. “Wat is het fijn om niet meer tegen mijn verdriet te hoeven vechten. Ik was letterlijk verslagen in dat gevecht, lamgeslagen, knock out. Nu het verdriet er mag zijn en ik bewust afscheid heb kunnen nemen hoef ik niet meer te vechten en ben ik veel soepeler. Ik kan steeds beter en vaker positieve herinneringen ophalen en genieten van dingen die er wel zijn.”

De hulpvraag van Ellen leek niet direct te maken hebben met verlies. Toch was haar ‘verslagenheid’ – zoals zij het zelf letterlijk verwoordde, wel degelijk sterk verbonden met verlies en de manier waarop zij daar mee omging.

Verlies en rouw worden nog steeds vooral geassocieerd met de dood. Maar ook verlies van werk, verlies van zekerheden, verlies van gezondheid, ongewenste kinderloosheid, verlies van partner zijn ingrijpende verliezen waar om gerouwd moet worden.

Wat vind ik het waardevol om zo met cliënten op reis te mogen gaan, om te zien dat ze steeds meer van het uitzicht kunnen genieten. Ik reis zelf ook iedere keer weer mee; ik word geraakt, ik vind het spannend, ik ben soms onzeker, ik wil gaan ‘redden’, ik wil mij terugtrekken, ik voel wantrouwen, ik wil aardig gevonden worden etc. Door dit als begeleider ook zelf te (h)erkennen, te accepteren en uit te durven spreken, kan ik de reis met de ander maken.